Home Omhoog

Waarmee vermaakte de goochelaar het middeleeuwse publiek?

Als eerste natuurlijk het bekerspel. De goochelaar laat verscheidene balletjes verdwijnen en verschijnen van onder één of meerdere bekers. Vaak komt er aan het einde van de truc een ei, een kuiken of kikker of iets anders onverwachts uit de beker. We zien vaak twee bekers, een enkele keer drie. In de "Discoverie of Witchcraft" (1584) lezen we dat ook kandelaars met een holle voet gebruikt werden.

Naast balletjes gebruikte met uiteraard ook munten en penningen. We zien op de afbeeldingen wel "rondjes" op de tafels liggen maar of dit balletjes, ringen of munten zijn is lastig uit te maken. Het maakt ook niet uit want uit geschreven bronnen weten we dat deze alledrie gebruikt werden. Let op de volgende meer dan 400 jaar oude waarschuwing, wederom uit de "Discoverie of Witchcraft" om niet per ongeluk met je goochelmunten de herbergier te betalen:

"Een goochelaar moet een volledig assortiment trucmunten en dergelijke hebben maar hij moet voorzichtig zijn niet te vergeten welke welke zijn en de verkeerde munten uitgeven."

In Europa verschijnt de eerste handgeschilderde speelkaart aan het einde van de 14e eeuw. Dat goochelaars hiermee hebben gewerkt valt zeer te betwijfelen. Het was ten eerste te kostbaar en ten tweede zou het publiek het kaartspel nog niet kennen. Hier komt verandering in als in de 15e eeuw gedrukte (d.m.v. houtsnede) kaarten in omloop komen. In snel tempo wint het kaartspel terrein en vindt dan ook zijn weg naar de vingervlugge handen van de goochelaar. De eerste omschrijving van een kaarttruc stamt uit 1541 en ook in de "Discoverie of witchcraft" is er een hoofdstuk aan gewijd.

In de "Discoverie of Wichcraft" staat een favoriete truc van Jannes de goochelaar:

"HOE UW HALVE NEUS AF TE SNIJDEN EN TE GENEZEN ZONDER VERWONDINGEN

Neem een mes met een half rond gat in het midden en plaats het op uw neus zodat het lijkt of uw neus half is gescheiden van uw gezicht. Men dient altijd een duplicaat, ongeprepareerd mes te hebben om het te verwisselen met het getructe, evenals magische woorden en bloed om de wond meer realistisch te maken, en vlugge handen. Dit is gemakkelijk en als het goed gedaan wordt zal het alle toeschouwers verbazen."

Hierop waren vele variaties zoals pijlen door benen, messen door armen, pinnen door de tong en zwaarden in de buik. Ook sneed men koppen van dieren. Het hoogtepunt van dit alles moet echter wel de onthoofdingscène van Johannes de doper zijn geweest. Een jongen lag op een tafel, zijn hoofd werd er afgesneden en op een schaal geplaatst. Hierover ging een doek en de schaal werd elders op de tafel neergezet. De doek wordt weggetrokken en het hoofd leeft weer en kan zelfs praten. Het is de allereerste toneelillusie die we kennen.

 

Omhoog  

Afbeeldingen

Van oudheid naar middeleeuwen

Kerk en overheid

Hekserij

Wetenschap

Uiterlijk

Goochelspreuken

Goochelaarsleven